English Czech Danish Dutch French German Italian Norwegian Spanish Swedish
Passief forelvissen PDF Afdrukken E-mail

Nu bespreek ik enkele passieve technieken (niet slepen) om forel te vangen. Hoewel het actief vissen duidelijk mijn voorkeur heeft is deze manier van vissen op bepaalde dagen enorm succesvol. Hoe u dit kunt het beste kunt doen zal nu besproken worden.

Dobbers voor het forelvissen
Bij het passief vissen met een dobber gaat de voorkeur wederom uit naar de slanke types. Mocht de forel aanbijten dan is het zaak dat die zo min mogelijk weerstand voelt. Op dagen dat passief vissen erg goed gaat is de forel erg voorzichtig. Gaat u daarom niet met enorme dobbers en buldo’s aan de slag, want hierdoor zal de forel minder snel doorbijten of zelfs loslaten. Met passief vissen beperkt zich eigenlijk tot het vinden van de juiste diepte. Vlak aan het oppervlak of tegen de bodem. Deze passieve techniek is over het algemeen niet zo succesvol. Tenzij er een school met forellen vlak voor uw voeten ligt te wachten op voedsel. Ik verzeker u dat dit niet vaak voorkomt. Beweging van het aas zal altijd belangrijk blijven. De forel is en blijft een jager die graag iets grijpt wat beweegt. Een beetje wind, onderstroming of een rukje aan de hengel is vaak net genoeg om het aas in beweging te krijgen. Houdt u wel in de gaten dat tijdens het afwaaien van de dobber uw lijn niet in de knoop komt met die van een ander. Zult u zien dat u dan net beet krijgt. Dit heb ik meerdere malen meegemaakt. Dan is echt alles in de war.


Buldo’s voor het forelvissen
Staat er een sterke wind, dan probeer ik altijd eerst een buldo. Door deze voor de helft te vullen met water heeft die de werking van een Spaans galjoen. Met een onderlijn van 1 à 1,5 meter zonder lood, zweeft het aas op de meest natuurlijke manier die je maar kunt verzinnen. De wind laat het geheel afwaaien en door de golven beweegt het aas op en neer. Actief aanbieden terwijl u zelf niets doet. Dat wordt een middagje tot rust komen én goed vangen. Vaak heeft water bepaalde stromingen, veroorzaakt door natuurlijke of onnatuurlijke bronnen, die hetzelfde effect hebben als de wind. Namelijk het hele zaakje in beweging brengen. Soms staat er geen zuchtje wind en is er ook geen stroming in het water. Dan adviseer ik wel te controleren hoe de forel reageert op deze techniek. Soms is de forel zo actief en gulzig dat het aas op de juiste plek vaak meer oplevert dan slepend vissen. Wilt u toch het geheel zeer langzaam slepen, dan kunt u een klein hagelloodje halverwege de onderlijn bevestigen. Hierdoor blijft het aas op de juiste diepte. Mijn favoriete aassoorten voor de buldo zijn; maden, sprinkhaan, meelworm en het (dode) aasvisje. Allemaal doen het eigenlijk prima. Lichte voorkeur voor de meelworm en het aasvisje is er wel.


Zinkend op de bodem
Op de warme perioden van de dag, als de forel de diepte in gaat, gebruik ik deze techniek. U gebuikt een schuifloodje, langzaam zinkende Sbirulino, Saltarello of glazen buisjes (als het maar de bodem bereikt). Met vervolgens een kraaltje, drievoudig wartel, 12/100 nylon onderlijn van 1 meter, haakje nr. 16 en een piepschuim bolletje ter grootte van een doperwt. Die u gewoon op de haak prikt.Dit schuimpje zorgt voor extra drijfvermogen, zodat het aas niet op de bodem komt. Vooral als er veel algen op de bodem liggen zal de forel het aas niet zien. U kunt met beste de aassoorten gebruiken die van zichzelf veel drijfvermogen hebben. Hierdoor zal het aas naar de gewenste diepte stijgen. Meelwormen en foreldeeg zijn hier uitermate geschikt voor. Na het inwerpen legt u de lijn strak en plaatst een verklikkertje op de lijn. Het aas zal nu op een natuurlijke manier boven de bodem zweven. Zodra u ook maar enige beweging ziet, gooit u de beugel open om de vis de vrije loop te geven. Niet iedereen vindt deze manier van forellen leuk. Het is een beetje passief en je gaat al gauw denken dat je aan het karpervissen bent. U moet maar zo denken; boekje, droogje en natje erbij en toch veel vangen.

Laat u, op die warme middagen niet gek maken door springende forellen, zodat u denkt dat ze bovenin zitten. Een forel kan namelijk vanuit de diepte komen, een wonderschone sprong maken, en daarna gewoon weer terugkeren naar die diepte. Ongeveer 1 meter boven de bodem vissen zal bij warm weer zeker forel opleveren.